Rotterdam – Je hoeft geen kaart van het Midden-Oosten te kennen om te begrijpen dat er iets verschuift. Je voelt het in de manier waarop mensen praten, in de manier waarop nieuwsberichten binnenkomen, in de manier waarop de straat reageert wanneer weer een video opduikt van tanks die door olijfgaarden rollen. Je voelt het in je lichaam, alsof de grond onder je voeten even mee trilt met die van Zuid-Libanon. Want wat daar gebeurt, blijft nooit daar. Het sijpelt door, via telefoons, via familie, via gesprekken in de supermarkt, via de ritmes van de stad. En terwijl Israël steeds dieper Libanees grondgebied binnentrekt, zie je hoe de wereld toekijkt, hoe internationale troepen machteloos staan, en hoe honderdduizenden Libanezen hun huizen verlaten met dezelfde haast die je alleen begrijpt als je ooit zelf hebt moeten vluchten.
De invasie die niemand invasie wil noemen
Je ziet hoe woorden worden gemasseerd, hoe diplomaten draaien, hoe regeringen voorzichtig formuleren. Maar jij ziet wat het is: Israëlische grondtroepen die Zuid-Libanon binnentrekken, dorpen binnenrollen, posities innemen, burgers wegduwen richting het noorden. Je ziet hoe het gebeurt in fases, alsof iemand een grenslijn langzaam uitgumt en opnieuw tekent, net iets verder naar boven. En terwijl de wereld spreekt over “operaties”, “veiligheidszones” en “strategische diepte”, zie jij gewoon een land dat stukje bij beetje wordt leeggedrukt.
Je ziet hoe mensen vluchten omdat ze geen keuze hebben. Niet omdat ze willen, maar omdat de lucht boven hun dorp ineens vol hangt met drones, omdat de grond trilt van artillerie, omdat een leger dat niet het hunne bepaalt dat ze weg moeten. Je ziet hoe dat voelt, zelfs op afstand. Want ontheemding is een taal die je niet hoeft te spreken om te begrijpen.
UNIFIL staat erbij, kijkt toe, en wordt zelf geraakt
En dan heb je die Franse troepen. Niet als Franse interventiemacht, niet als bondgenoten van Libanon, maar als onderdeel van UNIFIL — die grote blauwe aanwezigheid die al decennia in Zuid-Libanon staat. Je ziet ze patrouilleren, je ziet ze observeren, je ziet ze rapporteren. Maar je ziet ook hoe ze worden geraakt door Israëlische drones, hoe tanks schoten lossen in hun richting, hoe ze soms moeten schuilen voor dezelfde explosies waar Libanese burgers voor vluchten.
En je voelt de absurditeit. Want deze troepen zijn er zogenaamd om stabiliteit te brengen, maar ze mogen niet ingrijpen. Ze mogen niet blokkeren, niet verdedigen, niet terugduwen. Ze mogen alleen kijken, noteren, doorgeven. En terwijl Israël steeds verder Libanees land binnentrekt, zie je hoe UNIFIL steeds meer wordt gereduceerd tot decor. Een blauw decor in een oorlog die steeds minder geduld heeft voor nuance.
De Franse aanwezigheid die niets verandert
Je hoort mensen zeggen dat Frankrijk Libanon ondersteunt. Dat Franse troepen er zijn om de Libanese staat te helpen. Maar jij weet beter. Je weet dat UNIFIL geen leger is dat een grens verdedigt. Je weet dat ze geen tanks hebben om Israël tegen te houden, geen mandaat om een invasie te stoppen, geen politieke rugdekking om een rode lijn te trekken. Je weet dat ze alleen mogen handelen in zelfverdediging, en zelfs dat voelt soms als een luxe die ze niet durven te gebruiken.

Dus ja, Franse troepen zijn er. Maar ze veranderen niets aan de realiteit dat Israël Libanees land binnentrekt. Ze veranderen niets aan de realiteit dat dorpen worden ontvolkt. Ze veranderen niets aan de realiteit dat honderdduizenden Libanezen hun huizen verlaten. Ze veranderen niets aan de realiteit dat Israël bepaalt waar de grens vandaag ligt, en misschien morgen weer anders.
De straat begrijpt het sneller dan de diplomaten
Je merkt dat de straat het sneller doorheeft dan de regeringen. Mensen voelen wanneer een conflict kantelt. Ze voelen wanneer een grens niet langer een grens is. Ze voelen wanneer een leger niet langer aan de andere kant staat, maar in de heuvels, in de dorpen, in de velden. Ze voelen wanneer een regio opnieuw wordt opengebroken, zoals een wond die nooit de kans heeft gekregen om te helen.
En je ziet hoe dat doorwerkt in gesprekken. In Rotterdam, in Paramaribo, in Brussel, in Parijs. Je hoort mensen zeggen dat dit niet zomaar een operatie is. Dat dit niet zomaar een reactie is. Dat dit een verschuiving is. Een nieuwe fase. Een nieuwe realiteit. En je voelt dat ze gelijk hebben.
De geopolitieke schuif: Europa beweegt, Nederland blijft zitten
Je ziet hoe landen als Frankrijk en Spanje hun positie verschuiven richting Palestina. Je ziet hoe Suriname al sinds 2011 Palestina erkent — een nalatenschap van Bouterse die nog steeds staat. Je ziet hoe Nederland blijft hangen in voorzichtigheid, in economische belangen, in diplomatieke neutraliteit die steeds minder neutraal voelt. Je ziet hoe de wereld beweegt, maar Nederland blijft zitten alsof het bang is dat elke stap een verkeerde is.
En je ziet hoe dat wringt. Want terwijl Israël Libanees land binnentrekt, terwijl burgers vluchten, terwijl UNIFIL wordt beschoten, terwijl Franse troepen machteloos toekijken, blijft Nederland praten over onderhandelingen die niet bestaan en voorwaarden die niemand kan invullen.
De vraag die blijft hangen: hoe lang kan dit doorgaan?
Je voelt dat dit geen tijdelijke situatie is. Je voelt dat dit geen incident is. Je voelt dat dit een verschuiving is die nog lang zal doorwerken. Want wanneer een leger eenmaal een grens overgaat, wanneer dorpen eenmaal zijn ontvolkt, wanneer burgers eenmaal zijn gevlucht, wanneer internationale troepen eenmaal machteloos zijn gebleken, dan is er geen weg terug naar de status quo.
Je voelt dat dit een nieuw hoofdstuk is. Een hoofdstuk waarin Zuid-Libanon opnieuw wordt getekend door macht, door angst, door geopolitiek, door militaire logica. En je voelt dat de wereld opnieuw moet kiezen hoe ze hiermee omgaat.
En jij staat hier, in Rotterdam, en je voelt het allemaal
Je staat misschien ver weg, maar je voelt het. Je voelt het in de manier waarop nieuws binnenkomt. Je voelt het in de manier waarop mensen praten. Je voelt het in de manier waarop de wereld schuift. Je voelt het omdat je weet dat onrecht nooit lokaal blijft. Je voelt het omdat je weet dat grenzen niet alleen op kaarten bestaan, maar ook in lichamen, in verhalen, in herinneringen.
En terwijl Israël steeds dieper Zuid-Libanon binnentrekt, terwijl Franse troepen machteloos toekijken, terwijl honderdduizenden Libanezen vluchten, voel jij dat dit verhaal nog lang niet klaar is.



Plaats een reactie