Rotterdam – De wind snijdt langs de Maas, containers schuiven door de haven en ergens in een teamkamer in de zorg wordt een besluit genomen dat direct voelbaar is op de werkvloer. Niet in abstracte termen, maar in roosters, werkdruk en uiteindelijk in de kwaliteit van zorg voor mensen die afhankelijk zijn van die groep. Daar, precies daar, speelt iets wat vaak onderschat wordt: wie leidt hier nou echt?
Niet op papier, maar in gedrag. Niet in functie, maar in invloed.
De Roos van Leary komt dan ineens niet meer uit een boek, maar uit de praktijk. Geen theoretisch model, maar een spiegel die laat zien wat er gebeurt tussen mensen.
De verschuiving van leiderschap: van hiërarchie naar invloed
Er was een tijd waarin de lijnen helder waren. De teamleider stond bovenaan, gaf richting en de rest volgde. Structuur, duidelijkheid, weinig ruis. Dat werkte, zolang het werk voorspelbaar bleef en de groep homogeen genoeg was om die lijn te dragen.
Maar die tijd is verschoven.
In de huidige zorgpraktijk, met zorg- en casusmanagers, met teams die bestaan uit verschillende achtergronden, opleidingsniveaus en ervaringen, werkt die oude hiërarchie niet meer vanzelf. Niet omdat gezag verdwenen is, maar omdat invloed zich anders organiseert.
De formele leider heeft nog steeds verantwoordelijkheid. Richting geven, voorwaarden scheppen, verantwoorden naar boven. Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. De andere helft speelt zich af onder de oppervlakte, in blikken, in gesprekken bij de koffieautomaat, in wie het laatste woord heeft zonder dat iemand dat officieel heeft toegekend.
Daar zit de informele leider.
En die positie is niet vast. Die verschuift. Vandaag is het de ervaren kracht die al twintig jaar meeloopt. Morgen is het die nieuwe collega met een scherpe blik en een directe manier van spreken. Overmorgen is het iemand die normaal stil is, maar in een crisismoment opstaat en richting geeft.
Dat is geen hiërarchie van boven naar beneden. Dat is een veld van beweging.
De Roos van Leary als gedragskompas
De kracht van de Roos van Leary, ontwikkeld door Timothy Leary, zit niet in het labelen van mensen, maar in het zichtbaar maken van gedrag. Boven en onder, samen en tegen. Twee simpele assen die samen een complex spel laten zien.

Gedrag roept gedrag op.
Dat is geen theorie, dat is dagelijkse praktijk. Iemand die dominant binnenkomt, trekt automatisch reactie uit de groep. Iemand die verbindt, opent ruimte. Iemand die tegenwerkt, zet spanning neer die zich verspreidt als een koude wind door een team.
In een zorgteam dat werkt met groepen, is dat direct voelbaar. Als de sfeer schuurt, schuurt het door in de zorg. Als er vertrouwen is, ontstaat er ruimte. Dat vertaalt zich in hoe cliënten benaderd worden, hoe beslissingen genomen worden, hoe fouten worden opgevangen.
De Roos laat zien waar iemand zit in dat veld. Niet wie iemand is, maar wat iemand doet.
En dat maakt het model bruikbaar. Niet als oordeel, maar als instrument.
Formeel en informeel leiderschap: geen strijd, maar samenspel
Er wordt vaak gedacht in tegenstellingen. Formele leider tegenover informele leider. Controle tegenover vrijheid. Sturing tegenover autonomie.
Maar de praktijk laat iets anders zien.
De formele leider bepaalt de koers. Zonder richting ontstaat er ruis, onzekerheid, versnippering. In een sector waar veiligheid en kwaliteit cruciaal zijn, is dat geen detail. Dat raakt direct aan risico’s, aan fouten, aan de veiligheid van mensen.
De informele leider bepaalt het draagvlak. Zonder draagvlak blijft een plan een stuk papier. Dan wordt beleid iets wat van boven komt en onderin wordt gefilterd, aangepast of simpelweg genegeerd.
De echte beweging ontstaat pas als die twee elkaar vinden.
Niet in controle, maar in erkenning.
Een formele leider die denkt dat controle voldoende is, loopt vroeg of laat vast. Want invloed laat zich niet afdwingen. Zeker niet in teams waar mensen mondig zijn, professioneel en vaak al jaren ervaring hebben.
Aan de andere kant: een informele leider zonder richting kan een groep net zo goed laten ontsporen. Dan ontstaat er energie zonder koers. Veel beweging, weinig resultaat.
Het gaat dus niet om wie boven wie staat, maar om hoe die twee krachten elkaar raken.
De zorgpraktijk: waar theorie direct werkelijkheid wordt
In de zorg is deze dynamiek niet vrijblijvend. Daar vertaalt elk gedrag zich naar concrete gevolgen. Niet ergens op een rapport, maar in echte situaties.
Een team dat niet op één lijn zit, zorgt voor:
- onduidelijke afspraken
- verhoogde werkdruk
- fouten in overdracht
- spanningen die doorwerken naar cliënten
Dat raakt aan veiligheid. Aan kwaliteit. Aan vertrouwen.
En uiteindelijk ook aan de portemonnee. Want fouten kosten geld. Uitval van personeel kost geld. Inefficiëntie kost geld. In een systeem waar marges onder druk staan, waar energieprijzen stijgen en waar personeel schaars is, telt dat zwaar.
De formele leider zit dus niet alleen in een rol van organisatie. Die zit in een positie waar gedrag direct economische en maatschappelijke impact heeft.
En daar komt de Roos van Leary weer binnen.
Niet als theorie, maar als manier om te zien: waar zit de spanning? Wie trekt waar aan? Waar zit weerstand? Waar zit verbinding?
Invloed herkennen: het echte vak van leiderschap
De kernvraag is niet: wie heeft de functie?
De kernvraag is: wie heeft de invloed, hier en nu?
Dat vraagt kijken. Luisteren. Aanvoelen.
In een teamoverleg is dat zichtbaar. Wie praat en wordt gevolgd? Wie zegt weinig maar als die iets zegt, verandert de richting? Wie trekt de groep mee in weerstand zonder dat het expliciet wordt uitgesproken?
Dat is de informele leider.
En die positie is niet per definitie positief. Soms is het iemand die energie geeft, verbindt, vooruit helpt. Soms is het iemand die frustreert, tegenwerkt, spanning voedt.
Beide hebben invloed.
En beide vragen een reactie van de formele leider.
Niet door eroverheen te gaan, maar door het gedrag te begrijpen en daarop te reageren. Boven-samen waar mogelijk. Richting geven zonder de verbinding te verliezen.
Dat is geen zachte aanpak. Dat is strategisch handelen in menselijk gedrag.
De Rotterdamse laag: rechtvaardigheid, directheid en onderlinge kracht
Onder deze hele analyse ligt iets wat in Rotterdam altijd voelbaar is. Een gevoel van rechtvaardigheid. Van: doe normaal, werk samen, iedereen telt mee.
In de haven werkt niemand alleen. Alles is schakels. Als één schakel niet functioneert, ligt het proces stil. Dat zit ook in teams. Zeker in de zorg.
Multicultureel, verschillende achtergronden, verschillende manieren van communiceren. Dat maakt het rijk, maar ook complex. Misverstanden liggen op de loer. Verschillen in normen en waarden kunnen botsen.
Daarom is bewust leiderschap geen luxe. Het is noodzaak.
De formele leider die dit begrijpt, kijkt niet alleen naar taken, maar naar relaties. Niet alleen naar structuur, maar naar dynamiek.
En de informele leider die zich bewust is van zijn of haar invloed, kan het verschil maken tussen een team dat vastloopt en een team dat draait.
Dat is geen theorie. Dat is straatniveau. Dat is werkvloer. Dat is dagelijks handelen.
Van inzicht naar bewust handelen
De Roos van Leary maakt iets zichtbaar wat er altijd al is geweest. Gedrag dat gedrag oproept. Invloed die zich verplaatst. Leiderschap dat niet alleen in functies zit, maar in interacties.
In een tijd waarin leiderschap verschuift van controle naar verbinding, van hiërarchie naar invloed, biedt dat model houvast. Niet als oplossing, maar als kompas.
De formele leider schept voorwaarden. De informele leider activeert. Maar uiteindelijk is het de interactie tussen die twee die bepaalt wat er gebeurt.
In de zorg. In teams. In groepen die weer andere groepen begeleiden.
En daar, tussen de lijnen van beleid en de werkelijkheid van de werkvloer, ligt het echte werk.
Niet op papier. Maar in gedrag.





Plaats een reactie